vrijdag 30 maart 2012

De laatste weken

Het is alweer even geleden dat we onze blog updaten. De laatste Surinaamse weken zijn immers ingezet en dan schiet het bloggen er al snel bij in, nietwaar?
We liepen een weekje op de prenatale poli waar we zwangere buiken bij de vleet voelden. De ene al wat boller dan de andere, babyhartjes luisteren kunnen we nu als de besten! De administratie van de dossiers die er bij kwam kijken was zowaar complexer ;-) . Het uitrekenen van de zwangerschapsduur is hier in Suriname geen makkie, want ‘in Europa heb je een horloge, in Suriname heb je de tijd’, dus ook vele vrouwen weten niet wanneer ze het laatst menstrueerden. Gelukkig maakt men hier ook echo’s waaruit je dan kan afleiden hoe ver de zwangerschap is.
We namen op woensdag 21 maart afscheid van Vera en Sandra, onze Nederlandse vriendinnen die ook stage liepen in het ’s Lands Hospitaal en waarmee we zowat de helft van Suriname verkenden. Het was een plezante avond, we aten lekkere BBR (bruine bonen en rijst), gingen naar de Princess Casino, waar Sandra meer dan het dubbele terugwon (we hadden ieder 10 srd, zo’n 2.5€ ingezet). We zijn met de winst een drankje gaan drinken in de karaokebar om de hoek en zongen de longen uit ons lijf! Het was een leuke afsluiter! We ontdekten in die week ook een heerlijk koffie&taartjes-salon… Wat een geluk dat we die nu pas ontdekten, of de kilo’s waren er bij gevlogen, mmm! J

Het weekend dat er op volgde (24-25 maart) trokken we met ons tweetjes naar Ston eiland, een schiereiland in het Brokopondo stuwmeer aan de voet van de Brownsberg. Het is een gigantisch stuwmeer dat gebouwd werd om de elektriciteitsvoorziening te optimaliseren (zie vorig blogbericht over Brownsberg). In het meer steken nog steeds de boomtoppen van het onder water gelopen gebied uit toen men 50 jaar geleden de stuwdam sloot:  van kwaliteitsvol tropisch hardhout gesproken! We namen de staatsbus uit Paramaribo, wandelden vanuit Brownsweg het laatste eind naar ons kampement, zagen slingerapen de weg oversteken langs lianen, en werden vriendelijk en verbaasd over onze wandelprestatie onthaald op Ston eiland. Onze pinahut (om je hangmat in te hangen) was ideaal gelegen aan het strandje, zicht op het meer, stralende zon, wat wil je nog meer? In de late namiddag maakten we nog een boottochtje op het meer tussen de boomtoppen, mysterieus, mooi, gezellig, genieten! We leerden er twee mannen (een Belg en een Portugees) kennen. Met een rumcola (in Suriname brouwt men verschillende soorten rum: Borgoe, Mariënburg, Palm) en een kampvuur ’s avonds was het echt gezellig!
De zondag was het ‘hangmatteren’, af en toe plonsen in het verbazingwekkend warme meer, zonnen, relaxen, zalig niets doen! De terugweg konden we de eerste 2 uren gratis met een Surinaamse gids meerijden. We zagen nog een stuk van de Surinaamse savanne en kregen hopen uitleg, waarna we in Lelydorp op de wilde bus richting ‘de stad’ sprongen. Zo’n wilde bus is een versierde bus met blote vrouwen, het interieur in plastieken zebraprint, erin 26 mensen gepropt, met z’n vieren op één rij zitjes, bil tegen bil, mensen op en af (waarvoor je telkens je stoel moet opklappen om ze te laten passeren), ergens nog een ‘sjakos’ van je tweede buurvrouw onder je neus, een klein kindje z’n hand op je been, je rugzak onder je knieën, een slapend kind op de boezem van je achterbuurvrouw, de haarbos van je voorbuurvrouw kietelend in je neus, het gegluur en pogingen tot gesprek van de Surinaamse mannen met een oorverdovende Surinaamse radio als achtergrondbeat, … Wij vinden het gewoonweg ZALIG! :-) Om het weekend af te sluiten aten we, zoals de echte Surinamers (of Amerikanen ;-) een hamburger bij de Burgerking J.

De afgelopen week hielpen we op de verloskamers, wat een ervaring! We zagen voor het eerst vrouwen bevallen…wat een karwei! We keken onze ogen uit en hielpen waar mogelijk. Zelf bevalling doen of zelf bevallen zat er nog niet in ;-). We zijn wel al volleerde babyvangers, persbegeleiders, schaar- en vieze doeken wassers, compressenplooiers, … maar volgende week profileren we ons toch ook als bevallers! :-)
De laatste volledige week is op dit moment ook voorbij, maar we genoten er nog met volle teugen van! We werden uitgenodigd in het zwembad van ‘de Belg van op Ston eiland’, Peter. Het was een heel gezellige avond met uitzicht op de Suriname rivier, een wijntje, olijfjes, … we zaten weer maar eens in het paradijs!

Dit weekend gaan we er ook nog goed van genieten, want onze dagen korten in! Al durven we dat niet te luid zeggen, want dan schieten we in paniek… We beseffen dat we hier een ongelofelijk mooie ervaring (bijna) achter de rug hebben, waar we heel dankbaar voor zijn. Maar toch ook met spijt in het hart beseffen dat we terug naar België moeten keren, waar ons een ietwat minder relaxte stageperiode voor de deur staat ;-). We kunnen enkel hopen dat wij dat beetje Surinaamse warmte in het soms kille België kunnen brengen door onze verhalen en ervaringen!!

Leen

Ps: de foto’s op facebook zijn niet meer geupdate aangezien we de tijd die ons nog rest liever aan andere dingen besteden dan achter onze laptop te zitten prutsen ;-)

maandag 19 maart 2012

Bigi Pan

Dit weekend hebben we Suriname opnieuw van een andere kant leren kennen. Samen met Vera, Sandra en Leen bracht een 4-uurdurende rit ons van Paramaribo naar Nieuw-Nickerie in het uiterste westen van Suriname. Verschillende dorpjes zoals Groningen, Groot Henar, Coronie, Saramacca, … verdienden een stop tijdens onze rit. Het Westelijke deel van Suriname is gekend omwille van de uitgestrekte rijstvelden. We hielden ook halt in Wageningen waar we de vergane glorie van de verlaten rijstpellerij van SLM (Stichting voor Machinale Landbouw) konden aanschouwen. Aangekomen in Nieuw-Nickerie verkenden we de stad te voet. Maar op de middaguren viel er niet veel te beleven, aangezien Nieuw-Nickerie gekend is om zijn ‘middagdutje’. We reden de 7km lange zeedijk af om een Hindoestaanse tempel te bezoeken met z’n kleurrijke godenbeelden. De Zeedijk is recent ‘gerenoveerd’, want achterstallig onderhoud had al eens een dijkdoorbraak veroorzaakt. Het dreigende gevaar van de Atlantische oceaan is dus het zorgenkindje van de Nickerianen. Na enkele boodschappen: borden, bestek, kip, ijsblokjes, Fernandes soft en enkele djogo’s (literflessen Parbo-bier) troffen we onze gids, Mantje, bij de boot aan. Hij stond al enkele uren paraat om ons in de mangroves van Bigi Pan te brengen (Leve de surinaamse manier van afspraken maken J). Bigi Pan is een groot moerasgebied met uitgestrekte moddervlaktes, het is 235 000 ha met adembenemende natuur en vele vogels die er een tussenstop maken vanuit Canada op weg naar Zuid-Amerika. Ook toen we onze overnachtingsplaats aanschouwden, ging dit mijn fantasie te boven: een paalwoning midden in een wateroppervlakte met hier en daar een groene grens zo ver het oog kon reiken. In onze ‘hut’ maakten we gezellig samen lekkere bami en kip klaar met de nodige voorafgaande Parbo-aperitief en de traditiegetrouwe zoete Mantjes-cocktail. Na het feestmaal gingen we op zoek naar kaaimannen, maar buiten wat rode oogjes boven het wateroppervlak waren er geen te bespeuren. Wel kregen we een spektakel waarbij een giftige slang subtiel en langzaam steeds dichter bij een rat sloop. Prachtig om dit levensgevaarlijke spel live in de natuur gade te slaan. De ‘ambetante’ muggen namen we er dan graag bij. Vier hangmatten op een rij met een magnifiek uitzicht was de ideale overnachtingsplek.
’s Ochtends stonden we op met een echte oorverdovende tropische regenbui, maar dit kon ons humeur niet bederven. We maakten ons klaar om vis te vangen en eenmaal op de boot maakten de wolken plaats voor de eerste zonnestralen van de dag. Bij de visplaats aangekomen, hielp ik met alle plezier Mantje om het net uit te hangen. Eens het net gespannen was vaarden we door het moeras op zoek naar vogels. Echt zoeken moesten we niet doen: koereigers, zilverreigers, blauwe reigers, een zwarte arendbuizerd, rode ibissen, een oehoe-uil, een soort valk, roodkopgieren, boomkruipers, zwaluwen, een stralende zon, … We kwamen ogen te kort! Na een klein uurtje varen kwamen we bij de Atlantische oceaan waar we zicht hadden op een gigantische modderige vlakte vol kleine strandlopers, één-scharige krabben, roofvogels en nog andere soorten vogels op zoek naar voedsel, … met in de verte de zee. Na een strandwandeling genoten we van een heerlijk modderbad op de zeebodem, het was eb. Wat een luxe! We ploeterden er op los, smeerden elkaar vol en genoten van het mooie weer. Met een zachte huid (en onmiskenbare moerasgeur) werd de terugtocht naar onze visnetten ingezet. Zo’n 20 tilapia-vissen en nog meer zoetwaterkrabben hadden zich laten vangen waardoor we een gigantisch middagmaal konden bereiden! Mantje leerde ons vis kuisen (vinnen afknippen, schubben afsnijden, in stukken snijden, ingewanden uithalen, afspoelen) en een heerlijke viscurry bereiden (olie, ajuin, knoflook, maggiblokjes, pepers, tomatensaus, massala, water, zout, …). We lieten het ons smaken met een goeie portie Surinaamse rijst erbij. Met pijn in het hart verlieten we deze unieke plaats, maar ook de terugkeer met de boot hield een leuke verrassing in. In de laatste bocht op weg naar de Nickerierivier, spotte ‘ons’ Mantje een kaaiman. We naderden zeer dicht met de boot om unieke foto’s te maken. Leen waagde zich er zelfs aan om de staart te aaien. Dit lukte vrijwel goed, tot hij een snelle beweging maakte en we allemaal één meter de lucht insprongen! Met alle vingers en tenen er nog aan, werden we aan wal gezet, waarna een korte autorit volgde naar een rijstpellerij. Daar werd ons het hele proces van aanvoer, drogen gedurende 12uur, pellen, selecteren, verpakken, … uit de doeken gedaan. Deze 100% Surinaamse economische activiteit was een interessante afsluiter van dit bijzondere stukje Suriname dat we hebben leren kennen. Een veilige rit richting Paramaribo volgde waarna de welverdiende slaaprust kwam. En dat is broodnodig, want de komende weken staan wij al om 7u paraat in het ’s Lands Hospitaal. Deze week vertroeven we op de prenatale poli, om erna naar de verloskamers te verhuizen.


Riet

dinsdag 13 maart 2012

Week negen en tien :)

Op donderdag 8 maart hadden we een dag vrijaf om Holi Pagwa te vieren! Maar het begon al op woensdagavond met een feest in het Drs K.A. Ramkhelawan stadion (een voetbalstadion genoemd naar onze gynaecoloog ). We waren uitgenodigd op de vooravond van het Hindoestaanse feest om de Holka (heks) te verbranden. We waren de enige blanken tussen alle Hindoestanen op hun paasbest! Holi Pagwa is een soort combinatie van lentefeest, nieuwjaarsdag en feest van de overwinning van het goede op het kwade. Op deze dag moeten alle onreinheden of slechte dingen afgelegd worden om de dag erna op Holi Pagwa je onder te dompelen in het goede!

Dag van de Vrouw op donderdag werd ook erg uitgebreid gevierd. We zagen sinds ons verblijf hier in Suriname grote posters met: ‘Borstkanker? Beat it!’ Dit was dan ook het thema van deze vrouwendag. Rond 16u was het verzamelen geblazen voor enkele speeches op het Onafhankelijkheidsplein. We werden verzocht om met iedereen samen een ‘wereldrecord’ te vestigen. De volksmassa vormde samen op het plein het lint dat symbool staat voor de strijd tegen kanker. Iedereen was gekleed in witte of roze t-shirts. Toen de helikopter overvloog en foto’s en film maakte werd het resultaat duidelijk! Een prachtig groot symbool! Na een opwarming (hoewel we bijna smolten in de brandende zon) werd het startschot voor de 5km loop gegeven. Hieronder mag je niet ‘lopen’ verstaan, maar wel een wandeltocht waarvoor alle Surinamers in hun sportiefste kleren de deur waren uitgekomen. Er waren ook allerlei kraampjes met informatie over borstkanker, borstimplantaten, cupcakes, muziekoptredens… Een heuse Surinaamse feestdag!
Tegen de avond was er in het Flamboyant Park het kleurrijke Holi Pagwa. Dan beklad je elkaar met gekleurd poeder en loopt iedereen vrolijk rond. Daar waren we helaas niet bij, want we hebben ons ingeschreven voor een salsacursus! Jaja, we hebben ondertussen de basisstappen al beet!

Vrijdag was terug een werkdag op de gynaecologie. Allemaal heel interessant en boeiend wat we er zien en mogen doen! ’s Avonds startten we het weekend in het Zin resort. Het is een zwembad waar we ook lekker konden eten met Vera en Sandra. We waren getuige van een ietwat seksueel getinte fotoshoot J. We hebben er goed mee gelachen!  Met een buik vol lekkers zijn we dan nog is goed gaan shaken, eerst in een salsacafe (we moeten onze lessen toch in praktijk omzetten, nietwaar?), erna in een echte Surinaamse club. We waren de enigste bakra’s (blanken)! Weerom een unieke ervaring!

Het weekend was ietwat rustiger, nog wat stagewerken, genieten van de zon, baantjes gaan zwemmen om onze conditie op peil te houden, een boek lezen, nog wat stagewerken om het af te leren en vooral beseffen dat we er nog snel van moeten genieten voor onze tijd er hier op zit! Want, wat vliegt het allemaal voorbij …

De tiende week zijn we ondertussen ook ingezet met nieuwe ervaringen op het OK. Ik (Leen) hielp mee baarmoeders verwijderen, keizersnedes doen, een navelstreng doorknippen, curettages, ... we doen het hier allemaal! Onze salsa-moves gaan ook steeds vlotter (al kreeg ik rond mijn oren dat ik niet zo veel mag nadenken en gewoon de man moet volgen ;-) ), ons stagewerk krijgt stilaan een definitieve vorm, we schaafden onze Surinaamse kookkunsten bij, we zwommen in het zwembad nog wat kilometers bijeen en genoten van de zalige zon. Wat willen we nog meer?  :)

Geniet ze ook daar!

Leen

Het Surinaamse binnenland!

Hallo, ik (Leen) ben sinds een dikke week terug uit het Surinaamse binnenland!!
WAT EEN NATUURPRACHT ! ! !
De trip die ik ondernam was de Tebutop-expeditie. Principe: neem plaats in een boot en vaar de Marowijne rivier stroomopwaarts tot aan de Tebutop. Dit zou nogal kort door de bocht zijn, daarom een wat uitgebreidere versie:
De Marowijne rivier ligt op de grens met Frans-Guyana in het oosten. We moesten dus eerst een hobbelige dikke 6 uur tot in Langetabbetje rijden. We passeerden  kleinschalige mijnbouwgebieden waarbij we leerden dat vooral de vrouwelijke goudzoekers met goud naar huis gaan in tegenstelling tot de mannen: 3 gram voor een uurtje plezier, 12 gram goud voor een nachtje vertier!
In Langetabbetje werd al onze bagage in een korjaal geladen. De uitgeholde boomstam zou ons verdere voertuig van de expeditie worden. De bootsman, een stuurman, onze gids Stephan en drie blanke vrouwen ingepakt tegen de regen, en weg waren we!
Manjatabiki (mango-eilandje) dicht bij Loka Loka, een marrondorp, werd ons kamp voor de eerste nachten. We sliepen op de rivieroever in een hangmattenhut met bladerdak onder een mooie heldere maan, lekker eten, weinig muggen en leuk gezelschap: het zou een fantastische trip worden!
Tijdens de eerste en enige regendag gingen we zwemmen in een stroomversnelling! Stroomversnellingen zijn watervallen kleiner dan 7 meter, en hier in Suriname varen ze die gewoon op met een boot! Al goed dat we 6 mannen meehadden voor 3 vrouwen, of we werden meegesleurd ;-) Nee hoor, het was trouwens zalig vertoeven in de natuurlijke jacuzzi! We bezochten ook een drijvend goudzoekersplatform. Zo’n platform zuigt de rivierbodem aan, filtert en haalt het goud er uit: wel 5-10 kilo per maand!
De volgende ochtend bleek het water in de rivier fel gedaald, waardoor onze boot omgekanteld was. Na het leegscheppen van de boot vaarden we richting een waterval. Een fantastische wandeltrip door de jungle met voorop onze gids Conthino uit het dorp met lemmet en jachtgeweer om een pad voor ons te kappen. We zagen allerlei insecten, spinnen, exotische planten, gigantische rode mieren, aapjes die in de bomen slingerden, 2 slangen (de ene met lemmet de kop er afgehakt, de andere met een geweerschot afgemaakt… ze waren beide giftig! De waterval op zich was echt prachtig, 60 meter hoog en zalig verfrissend na zo’n boswandeling vol avontuur! Op de terugweg kapte de gids ons een ananasje, zo geplukt uit de natuur, mmm!
Het volgende dorp werd Drietabbetje. We moesten in Fotoe Pasi (voetpad) onze bagage over land dragen, zodat de boot zonder gewicht de stroomversnelling kon nemen. Een heel avontuur waarbij de bootsmannen hun boot in allerlei bochten moeten wringen om de hindernissen te kunnen nemen: serieus spektakel! Drietabbetje is het laatste marrondorp voor het grondgebied van de inheemse stammen. In Drietabbetje wonen de marrons, dat zijn de negerslaven uit Afrika. Het grootopperhoofd of Granman is er overleden en hij ligt er al 3 maanden opgebaard. Elke avond is het feest met rum en dansen en muziek om hem te begeleiden naar z’n volgend leven. We hebben uiteraard uitgebreid meegedanst en kregen van iedereen applaus omdat we toeristen waren die eindelijk eens mee deden in plaats van enkel te fotograferen :) (dat was ook aan het enthousiasme van de mannen te merken… ;-) Mannen, hoe zou je zelf zijn met plots drie blanke schones in je jungledorp?!)
Het laatste dorp was Apetina, een indianendorp. We zagen een heel andere soort samenleving. Rustig, beredeneerd, secuur, hutjes ver uiteen, … Heel boeiend om de verschillen te merken. Met een inheemse gids op blote voeten beklommen we de Tebutop, een grote granieten rots van wel 500-600meter hoog! We moesten zoals echte bergbeklimmers aan een koord omhoog klimmen, dat de gids dan bovenaan vasthield J. We waren helaas niet snel genoeg om de regen voor te zijn waardoor we vroegtijdig moesten afdalen, maar het uitzicht was wel echt prachtig!! Je voelt je de overwinnaar van het regenwoud als je er helemaal bovenuit kan kijken...zeker als je dan de ara's en roofvogels onder je door ziet vliegen :) Een uniek gevoel dat hele binnenland!
De laatste dag zijn  we dan vanuit Drietabbetje teruggevlogen met zo'n klein vliegtuigje! :) Samengevat: het was een prachtige unieke ervaring met schitterende zon!!! :-) (en dus zeker een aanrader!)

Leen
(ps: foto's op facebook in het gedeelde album met Vera Stegmann)

maandag 27 februari 2012

Puur natuur!

Hallo,
Woorden als adembenemend, onbeschrijfelijk, een oneindig groen tapijt, ongerepte natuur,… zijn een poging om deze voorbije Surinaamse week te omschrijven. Samen met mijn ouders wierp ik me in het avontuur en zakten we af naar het binnenland. Een lange busrit (over Surinaamse ongeasfalteerde wegen met meer putten dan platte delen, tot in het dorpje Witagron) en een korjaaltocht later werden we ‘gedropt’ op het Fungu-eiland, gelegen in de Coppenamerivier. We genoten van een prachtig uitzicht over een stroomversnelling in de rivier vanuit onze ‘kamer’. Het zicht van de ongerepte natuur deed ons al snel de lastige bustocht vergeten. Bij elke uitstap werden we met een korjaal dieper het binnenland in gebracht. De volgende dag stond de wandeling van de Voltzberg op het programma. Hoewel ‘klim’ misschien iets beter zou passen bij de omschrijving. De slechts 240m-hoge Voltzberg, een enorme granietrots, duikt als het niets op uit het groene regenwoudtapijt, met tot gevolg een échte beklimming. De 3 liter drinkwater per persoon was na afloop van de tocht volledig verbruikt om het nodige ‘vochtverlies’ te compenseren. Maar het wonder geschiedde: zodra we één blik op het woud wierpen, waren we de zware beklimming vergeten. Met een euforisch gevoel begonnen we aan de afdaling, hoewel we snel weer met beide voetjes op de begane grond stonden voor deze nieuwe uitdaging. Want in ‘the-middle-of-no-where’ wil je echt niet een enkel kneuzen of been breken, er is slechts 1 weg terug, dezelfde als de heentocht en deze kan enkel te voet worden afgelegd. Na de tocht baden we in de rivier tijdens een regenbui, maar dit kon de aangename verkoeling niet bederven. De volgende dag stond op het programma, een wandeling met gids die uitgebreid vertelde over de fauna en flora die we rondom ons zagen: ara’s, toekans, brulapen (babun), doodskopaapjes (monkimonki), baardapen (bisa), zwarte spinapen (kwata), kaaimannen, mannelijke en vrouwelijk schildpadlianen, jodiumbomen, mopé, boletribomen, …  Na deze onderdompeling van 100% pure natuur, was de terugkeer naar de ‘bewoonde wereld’ letterlijk een confronterende onderneming. De 2u durende boottocht gebeurde in één continu durende tropische regenbui, waarbij een poncho of cape de eerste 5 minuutjes nog een licht effect hadden, maar daarna stroomde er evenveel regenwater boven als onder de cape door. De rust en eenvoud op het Fungu-eiland, maar ook de extreem vermoeiende oerwoudtochten en het tropische klimaat leerden ons het tropische regenwoud kennen als een openluchtdierentuin, waar gevaar in een klein hoekje schuilt.
Deze week werd prachtig afgesloten met een trip, samen met Leen, naar Galibi. Galibi is een natuurreservaat in het mondingsgebied van de Marowijnerivier. Dit natuurreservaat  beschikt over de prachtige zandstranden Baboensanti en Eilantie, waar ieder jaar de reuzenschildpadden hun eieren komen leggen van eind januari tot augustus. Rond 20u vertrokken we met de boot vanuit onze overnachtingsplek naar de stranden om deze schildpadden te spotten. Onze bootman voer onze boot, zonder verlichting maar wel onder een prachtige overvolle sterrenhemel met een sikkeltje maan, probleemloos naar het schildpaddenstrand. Daar aangekomen werd een schildpad gesignaleerd die het strand opkwam. Op afstand moesten we wachten totdat de schildpad begon te ‘nesten’ (= met roeiende bewegingen van de  voorpoten een gat graven). Deze schildpad vond echter geen geschikte plaats om te graven (te veel wortel van de nabijgelegen struiken en bomen), zodat ze zich ‘bedacht’ en terug richting zee ging. Toen gingen we snel een kijkje nemen om toch een eerste ‘glimp’ van een reuzenschildpad op te vangen. Ons geduld werd echter beloond, want niet veel later troffen we een andere schildpad aan die reeds een gat had gegraven  en volop ‘in trance’ begon aan het werpen van ruim honderd eieren, zo groot als pingpongballen. We konden zelfs tussen de twee achterpoten en de staart kijken naar het vallen van de eitjes in de gegraven kuil. We bleven muisstil zitten om de hele ceremonie niet te verstoren. Na het werpen van het laatste eitje gooide de schildpad weer het gat dicht en camoufleerde het nest door het zand om te woelen. Het stil aanwezig zijn bij deze grote dieren en de pracht van het leggen van deze eieren, waarvan slechts 1/1000 een volwassen schildpad wordt, deed aan als een unieke ervaring  in ons leven. De nachtelijke boottocht terug was prachtig onder de heldere sterrenhemel waar Zuid-Amerika gekend voor staat. De 2de dag staken we de Marowijnerivier over en bezochten Saint-Laurent-du-Maroni in Frans-Guyana. Treffend was het om dit deeltje Frankrijk hier aan te treffen: keurig aangelegde straten met prachtig onderhouden gebouwen, rechts rijdende wagens met franse nummerplaat, betalen in euro’s, Zuid-Franse siëstasfeer over de middaguren, … Zeer jammer vonden we het dat we niet het Camp de la Transportation konden bezoeken omwille van ‘onduidelijk redenen’. Frans-Guyana fungeerde als strafkolonie tussen 1852 en 1953 voor de 70.000 gevangenen uit Frankrijk. Dit stukje geschiedenis zagen we aan onze neus voorbij gaan, maar zoals een rationale ‘hollander’ uit een andere groep zei: ‘Dan hebben we ten minste een reden om terug te komen.’ Veilig terug in Paramaribo, na een lange busrit, konden we voldaan terugdenken aan deze prachtige week. Een aanbod van prachtige natuur en een mooie culturele afsluiter zorgde voor een echte vakantieweek in het Suriname met zijn vele facetten!!!
Tan bu, het gaat je goed.
Riet

donderdag 23 februari 2012

Een stevige update

Even tijd voor een stevige update!
Na ons weekend Brownsberg liepen we onze laatste week kindergeneeskunde. Ondanks onze vermoeidheid van de eerste dagen, hadden we een erg leuke week! We speelden met de kindjes, vrolijkten hen op, namen hen eens vast, kriebelden in hun buikje, … het was ons laatste weekje, dus daar moesten we van profiteren! Het was ook Valentijn en dat werd hier heel erg uitgebreid gevierd (getuige de verhalen van de stagiaires die in scholen stage lopen: verkiezing tot King&Queen Valentine naargelang wie de meeste roosjes ontving van andere klasgenootjes...). Op onze afdeling waren ook kinderbedjes versierd met ballonnen en roosjes! Op woensdag (wat vrijdag werd) moesten we ‘een praatje houden’. Riet sprak over de chirurgische behandeling van de ziekte van Hirschsprung en ik ‘praatte’ over colitis ulcerosa en necrotiserende enterocolitis bij kinderen. We werden tijdens ons praatje voor dokter Morpurgo verwend met Orgeade en maizenakoekjes, mmm! Orgeade is een soort amandelstroop. Heel zoet, maar aan te lengen met water en ijsblokjes tot de gewenste zoetheid. We kregen zelfs een fles mee naar huis! Moet het nog gezegd worden dat na de mandarijnen, koekjes, drankjes, … dokter Morpurgo echt wel blij was met onze komst en hulp op de poli? J Onze evaluatie was er dan ook naar!
De rest van de week was het afwerken van onze KULeuven-taakjes geblazen, maar ook genieten van de zon, Japans eten met Vera en Sandra, Annelies kwam een avondje eten (Riet maakte bami, mmm), we lekten een ijscoupe in een typische Surinaamse tent (denk er dus meters flitsende neonverlichting bij en Valentijnversiering in alle soorten en maten!).

Vrijdag zetten we onze vakantie feestelijk in met een lekker drankje in de Orange Blues Bar! Een gezellig cafeetje dat ooit opgericht werd als ‘straffe stunt’ door een paar vrienden. Ik heb er erg genoten van de sfeer en de goede blues en jazz-muziek! Het was een welkome afwisseling met de typische Surinaamse zeemzoeterige liefdesliedjes op de radio… ;-)

Zaterdag 18 februari verdienden we een relaxte inzet van onze vakantie: we trokken naar de River Club met Vera en Sandra! We hadden een echte ‘aan het zwembad genieten van de zon met een goei boek’-namiddag! We hadden allemaal een mooi bruin (of hier en daar een toch wat rozig) tintje! We aten ’s avonds nog heerlijk Braziliaans. Een restaurantje waar je allerlei soorten eten kon kiezen, en je uiteindelijk moest betalen per gewicht op je bord J Een erg handige manier om van alles iets te kunnen proeven! Een duidelijke aanrader voor de eeuwige twijfelaars onder jullie, waaronder mezelf ;-)!

Zondag sliepen we uit, poetsten we ons huisje en trokken we in de namiddag naar de Sint Petrus en Paulus Kathedraal voor een optreden van een Nederlands a capella koor, optredens van de leerlingen van de Surinaamse muziekschool en de Surinaamse zangeres Annemarie Sanchez, jullie misschien wel bekend? Het optreden begon met een redevoering van de dominee over zout. Heel mooi om zien hoe iedereen actief deelneemt aan de preek. Er werden ideeën of antwoorden luidop geroepen vanuit het publiek, helemaal anders dan de Belgische kerkdiensten. De kathedraal op zich was ook ferm de moeite: de grootste houten kerk van Zuid-Amerika!
‘s Avonds is ons hoogbezoek na een lange vlucht toegekomen! Het was een blij weerzien voor Riet en haar ouders. Maandag vertrokken ze op een vierdaagse trip naar het binnenland. Ik verwacht ze elk moment terug thuis!  
Ik had daardoor vier dagen voor mezelf en gebruikte de tijd om lang uit te slapen, ziek te zijn (had ik nochtans niet ingepland...), mijn stagewerk bij te benen, langbeloofde skypgesprekken tot uitvoer te brengen, … De vier dagen zijn alleszins voorbij gevlogen, net zoals onze overige tijd hier in Suriname!

Morgen vertrekken we met z’n allen (Riet, haar ouders en mezelf) voor twee dagen naar Galibi, een strand waar de zeeschildpadden ’s nachts hun eieren komen leggen. Ik ben heel erg benieuwd wat dit avontuur in petto heeft voor ons!

Tot de volgende!

Leen

maandag 13 februari 2012

Een weekendje Brownsberg !

Wij zijn terug van een fantastisch weekendje Brownsberg!

Zaterdagochtend behoorlijk vroeg opgestaan zodat we de bus om 8u30 in de Saramaccastraat konden nemen. Die straat is hier de meest Afrikaans aandoende straat met schreeuwerige verkopers van bananen, sleutelhangers, parfum of sportschoenen, … waar alle bussen naar overal in Suriname vertrekken. Wij hadden de staatsbus naar Brownsweg nodig...een heel karwei, want die bleek aan het andere eind van de straat te vertrekken. We hebben het dan maar op een loopje gezet en aan elke voorbijganger opnieuw gevraagd of we nog steeds goed zaten, want die straat is één warboel! Een straat boemvol met mensen die denken te weten waar de bus vertrekt, zodat je telkens een andere kant opgestuurd wordt. Daarom toch beter alles 10x opnieuw te vragen!
Bezweet en wel zijn we op de juiste bus geïnstalleerd geraakt tussen de zakken rijst, Surinamers, en  een oorverdovende Surinaamse radio als metgezel (denk: hoe maak ik zelf radio? Hier klinkt het zo 'ohja, en dit was het nummer....eum, wacht even.....eum ja, hier heb ik het...het was dus het nummer puntjepuntjepuntje J). Na 2u rijden (voor nog geen 2euro) stonden we aan de voet van de Brownsberg in Brownsweg.
We werden erg raar bekeken omdat we überhaupt aan de 13km bergop vertrokken, te voet! Elke auto die ons passeerde, bood ons een lift aan of wou onze rugzak wel meenemen. Maar, hoe meer ze het ons voorstelden, hoe vastberadener we te voet naar boven wilden stappen (500m hoogteverschil). We kwamen één van de busjes halverwege tegen, vast in de modder, die moesten terugkeren... Hun gids zei nog: “Oh ik dacht dat jullie nooit voor 18u zouden aankomen” (Het was toen 12u en we waren na een uurtje al over de helft in afstand) !
Na 2.5uur wandelen kwamen we boven aan (13.30u) en kregen we zowaar van iedereen dikke duimen en applaus! "You are the most crazy women I ever met..." ;-) Snel onze hangmat opgehangen, een pistoleetje verorberd en doorgewandeld naar de Ireneval, terug de berg af natuurlijk! Beneden toegekomen, aanschouwden we de idyllische waterval waarin we ons heeeeerlijk konden verfrissen, echt niet koud! De zon was helaas van korte duur, want opdrogen tijdens onze uitgebreide picknick (terug pistoleetjes met choco) deden we niet. We kregen een koude tropische bui over ons heen... Uiteindelijk zijn we in de gietende regen met de tong uit onze mond, boven geraakt en ons een uurtje te hangen gelegd (in onze hangmat). In 'de bar hut' boven op de Brownsberg ontmoetten we ’s avonds interessante mensen, o.a. WWF mensen die onderzoek doen naar de illegale goudwinning in Suriname. Ik (Leen) had ondertussen wat last van hoofdpijn en een lastige maag, dus moest ik een warme cola drinken van de barman alias pater familias van de berg (Het was niet van 'ik lust geen cola', maar het was van te luisteren naar hem :-) Ik was er snel terug bovenop, want er stond ons een lekker Surinaams buffet te wachten: nasi, bami, een soort spinazie, pikante saus, kip, tomaat en komkommer! We hadden een leuke avond met gezellig gezelschap van alle soorten wat, we gierden van het lachen en stonden te sjoelbakken... Het was een plezante afsluiter van een lastige maar mooie dag! :)
Na dekens te hebben versierd bij de beheerder (je moest er normaalgezien voor betalen…) kropen we in onze hangmat een koude nacht tegemoet (op 500meter is de gevoelstemperatuur toch lichtjes anders dan in Paramaribo centrum!). Het slapen in de hangmat beviel ons al beter dan de eerste hangmatnacht! Kijk maar uit, in België hangen we gegarandeerd onze hangmat op in de living! J

De volgende ochtend ontbeten we (jaja, pistoleetjes met choco) met zicht op een mistig meer, het Brokopondo stuwmeer. (De dam werd gebouwd om Suralco, een bauxiet verwerkingsbedrijf, van elektriciteit te voorzien. De overschot aan elektriciteit wordt sindsdien naar Paramaribo gebracht, waardoor er nu geen hinderlijke stroomstoringen meer bestaan.)
We trokken in de late voormiddag naar Witti kreek, een fikse afdaling naar een mooi beekje met een watervalletje, tussen de bomen, in de zon, heeeeerlijk idyllisch! Het bos hier is trouwens fantastisch! Lianen langs alle bomen, gekrulde boomstammen, brulapen (lawaaaaaaaaaaaai dat die kunnen maken, niet normaal hoor!), we hoorden heel veel soorten vogels, we zagen kikkers, salamanders, visjes, vlinders, zwammen...een waar natuurparadijs!
Terug boven op de Brownsberg hadden we nog een prachtig zicht op het meer omdat de zon alle mist had weggejaagd. De mist ontstaat door verdamping van de vochtigheid in het regenwoud.
Onze heenweg naar de Brownsberg deden we spotgoedkoop (namelijk de bus en te voet naar boven), maar de terugweg wilden we ook low-budget houden. Op zo’n momenten doen blanke meisjes de Surinaamse mannenharten sneller slaan, want we kregen spontaan een lift aangeboden door de beheerder van Stinasu Brownsberg (Stichting Natuurbehoud Suriname) terug naar Paramaribo. We konden niet beter zitten, want Paul was een heel erg goed chauffeur, hij rijdt de trip bijna dagelijks! We kregen ondertussen ook les in het ‘hoe rijd ik met een 4x4 door de modder op een helling, zonder weg te glijden’ J ! Na een goeie 3u stonden we terug in Paramaribo, en konden we na een deugddoende douche (om al het rode slijk van onze benen te krijgen) terugblikken op een zalig avontuurlijk weekend! Onze stijve spieren nemen we er dan ook met de glimlach bij!

Leen